NASSAULEZING 2014

NASSAULEZING 2014

Gastspreker Jeroen Dijsselbloem

Jeroen Dijsselbloem (48) spreekt de vijfde Nassaulezing uit. Hij is sinds november 2012 minister van Financiën. Geen eenvoudige functie in tijden van economische crisis, al ziet het ernaar uit dat Nederland nu eindelijk uit de recessie komt.

Niet alleen in ons land vervult Dijsselbloem een belangrijke functie, ook in Europa draait hij aan belangrijke knoppen als voorzitter van de Eurogroep (het overleg tussen de ministers van Financiën van de achttien eurolanden) en het Europese noodfonds ESM.

Met dit fonds, waarin 700 miljard euro zit, worden noodlijdende eurolanden en banken overeind gehouden.

Dijsselbloem is sinds 1985 lid van de PvdA. In dat jaar begint Dijsselbloem ook aan een studie agrarische economie aan de Wageningen University en in 1991 doet hij een doctoraal onderzoek bedrijfseconomie in Ierland.

Hij wordt in 1992 medewerker van de PvdA-delegatie in het Europees Parlement in Brussel. Een jaar later volgen drie jaar beleidsmedewerkerschap Ruimtelijk Beleid van de Tweede Kamerfractie. Van 1994 tot 1997 is Dijsselbloem gemeenteraadslid in Wageningen en ondersteunt hij van 1996 tot 2000 op het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit onder anderen toenmalig minister Jozias van Aartsen.

Jeroen Dijsselbloem wordt in 2000 lid van de Tweede Kamer en blijft volksvertegenwoordiger tot aan zijn ministerschap. Hij is verantwoordelijk voor de woordvoering over jeugdzorg, passend- en speciaal onderwijs, lerarenbeleid en de inspectie van het Onderwijs.


Opleiding

1985 VWO, RK Eckartcollege in Eindhoven

1985-1991 Wageningen University, Agrarische economie, richting bedrijfseconomie, landbouwpolitiek en sociaal-economische geschiedenis

1991 Doctoraal onderzoek Bedrijfseconomie, University College Cork (Ierland)

Loopbaan

1992 medewerker van de PvdA Eurodelegatie in het Europees Parlement te Brussel

1993-1996 beleidsmedewerker Ruimtelijk Beleid van de Tweede Kamerfractie van de PvdA

1994-1997 gemeenteraadslid in Wageningen

1996-1998 politiek-bestuurlijk medewerker, Min. van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

1998-2000 plaatsvervangend hoofd Stafbureau

2000 tot ministerschap lid van de Tweede Kamer. Verantwoordelijk voor de woordvoering over jeugdzorg, passend- en speciaal onderwijs, lerarenbeleid en inspectie van het Onderwijs.

2007-2008 voorzitter van de Commissie Parlementair Onderzoek Onderwijsvernieuwingen

Sinds 2012 benoemd tot minister van Financiën in het kabinet-Rutte-Asscher.

Partijpolitieke en nevenfuncties

Sinds 1985 lid van de PvdA

2008 vicevoorzitter van de PvdA-fractie in de Tweede Kamer

2010 lid van de programmacommissie van de partij

2012 commissie PvdA verkiezingsprogramma 2012

2013 door de Eurogroep benoemd tot voorzitter

2013 gekozen tot voorzitter door de Raad van Gouverneurs van het ESM (European Stability Mechanism)

'West-Brabant zal terugveren'

Minister Dijsselbloem weet van de zeven magere jaren. En dat daar een einde aan komt. Ooit, tot in het begin van de vorige eeuw, woonden de voorouders van minister Dijsselbloem in de Dubbelstraat in Bergen op Zoom in een rijtje huizen met de karakteristieke naam: De Zeven Magere Jaren. Het waren ook magere jaren, want de lokale pottenbakkerseconomie waaraan de familie zijn inkomen dankte, was gedateerd en achterhaald. De West-Brabantse aardewerkcultuur doofde uit. "Maar Bergen op Zoom en de regio pasten zich aan, ontwikkelden zich verder en werden welvarender. Nieuwe bedrijvigheid bracht nieuwe werkgelegenheid."

Wat de minister maar wil zeggen: ondanks alle problemen, de sluiting van Philip Morris in Bergen op Zoom, Philips Lighting in Roosendaal, de aangekondigde ontslagen bij Fokker in Hoogerheide, het sluiten van Tetra Pak in Moerdijk... Een dynamische, veerkrachtige regio komt er uiteindelijk weer bovenop. Of, zoals de minister zei tijdens de gisteravond uitgesproken Nassaulezing in de Grote Kerk van Breda: "West-Brabant zal terugveren."

Hij wees erop dat er intussen een industriële groei is van 4 procent, dat de bedrijfsinvesteringen zijn toegenomen met 5 procent en dat het aantal vacatures weer toeneemt. Een optimistische boodschap, maar Dijsselbloem weet dat er genoeg mensen zijn die net hun baan zijn kwijtgeraakt en denken: hoezo herstel?

"We zijn er nog lang niet", nuanceerde de minister. Niet voor niets vindt hij het belangrijk om schulden weg te werken en de basis van de economie te herstellen, zonder dat dit 'nieuwe bubbels en luchtbellen' oplevert. Dat betekent dat er zaken moeten veranderen. Zo zitten er volgens de minister nog veel te veel mensen 'aan de kant'. "We denken dat er door de vergrijzing geen groei meer zit in het arbeidsaanbod. Maar we werken in Nederland 1.400 uur per jaar. Dat is het minst van alle ontwikkelde landen. Daar bevindt zich een verscholen arbeidspotentieel", constateert hij.

Verder denkt Dijsselbloem dat het hoog tijd wordt om de belasting op arbeid naar beneden bij te stellen, in heel de Europese Unie. "Dat kan zonder nationale bevoegdheden over te dragen aan Brussel", suste de minister zijn kritische publiek. Kijkend naar de toekomst voorspelt Dijsselbloem dat steden steeds belangrijker worden als 'motoren van de groei'. "Dáár worden dingen bedacht. Met hun combinatie van creativiteit en innovatie worden steden de nieuwe fabrieken. Daar moeten we op inspelen."

Om meteen te verzuchten dat Nederland nogal 'terughoudend' is op het gebied van ruimtelijke ordening. Anders gezegd: er kan geen plan worden ontwikkeld of het loopt vast in een web van regels en wetten.

En dan zijn er natuurlijk de banken. Het krijgen van kredieten is voor het midden- en kleinbedrijf nog steeds een drama. Maar de banken hebben het zelf óók moeilijk, weet de minister: "Nu zijn ze nog niet stabiel. Ze moeten hun eigen balans op orde krijgen. Maar tegen het einde van dit jaar zijn ze door dat proces heen."

Waarna Dijsselbloem nog even teruggrijpt op de ideale ligging van Nederland én West-Brabant. "Waar je ook kijkt, er is altijd water in de buurt. En altijd een stad. Die ligging geeft ons een grote plus. Waar grote bedrijven verdwijnen komen andere interessante bedrijven terug. Nederland is niet klaar en zal dat ook nooit zijn. Het is daarom aan ons om op tijd te bewegen, zodat we de magere jaren achter ons laten."

BN DeStem
Olga van Hamersveld


EY
Anita van Overbeek


Business Club Breda
Peter Dirven